Categoriearchief: leerlingen

Raketten bouwen met Milos

Hoi!

Ik ben Milos de Wit, in al mijn jaren van projecten faalt er veel, heeeeeel veel. Maanden plannen en soms na een week of zelfs een dag erachter komen dat het project compleet onhaalbaar is of ik heb dan al weer een beter idee bedacht. Maar dit jaar (mijn derde jaar bij FABklas) wil ik een project afmaken. Dus na een paar weken plannen en ontwerpen. had ik in het CAD (Computer Aided Design) programma Fusion 360 stond V1 van het plan klaar.

Het ontwerpproces

Origineel zou ik een raket aansturingscomputer maken, met als prioriteit om de
parachutes te kunnen openen en als nagedachte om zoveel mogelijk sensoren in de vluchtcomputer sectie te doen om zo aerodynamische tests te kunnen doen. Maar na te realiseren dat het goedkoper en makkelijker is om te beginnen met een buis met een standaard houder die tussen verschillende 75mm buizen kunnen worden verwisseld. Met een standaard set sensoren. Uiteindelijk kwam ik uit op het idee om op de buis rails te monteren waar verschillende vormen op kunnen worden geschoven zodat je verschillende aerodynamische profielen kan creëren.

Huidige componentenlijst
  • Teensy 3.2 (Arduino Nano is ook mogelijk maar dan is er weinig opslag over om meer sensoren toe te kunnen voegen)
  • SD kaart lezer
  • 5V step-up converter (het 3V signaal van de Teensy moet worden omgezet in 5V voor de buzzer en de Neopixels)
  • Neopixels
  • BME280
  • MPU6050
  • 3*AA batterij houder (zorgt voor 4.5 volt voor de Vin pin voor de teensy, de Vin pin kan de teensy aanhouden tussen 3.6 en 6 volt)
  • 470UF condensator meerdere knoppen (switch en druk)
Bedrading

Hier is een schema met de bedrading van de huidige unit, de drie NeoPixels en
de buzzer worden gebruikt om de status van de computer te weergeven.
bijvoorbeeld waneer de code een sensor niet herkent of er een andere error is,
zo is het makkelijker om te gebruiken waar geen laptop
bij de hand is om de serial port of het sd kaartje te lezen.

Firmware

De firmware heb ik over ruim een half jaar ontwikkeld, begonnen bij de individuele sensor, de code optimaliseren en daarna integreren in het volledige project. Op deze manier is de code ontwikkeld en is het relatief makkelijk om extra stukken toe te voegen. Ook was het in het begin lastig om de code bedoelt voor de Arduino Nano over te zetten naar de Teensy. De grootste reden om de Teensy te gebruiken is voor de grotere opslag, gezien de code voor alleen de luchtdrukdata en het schrijven naar de SD kaart al 76% van de Arduino Nano 328p. de volledige code met neopixel libary en allerlij andere functies zijn op de Teensy 3.2 maar 18% van de opslag. Hieronder een deel van de code. (totaal 194 lijnen)

)

Hardware test 000

Ik probeer met dit project zo veel mogelijk componenten individueel te testen zodat zo min mogelijk fout kan gaan waneer alles samenzit in de 75mm buis. waneer het moeilijk
is om individuele componenten te testen. voor 000 ga ik de barometer en de SD kaar lezer/schrijver testen. Er zijn weinig foto’s van de hardware van deze tests
maar hier is de eerste hoogte grafiek van dit project Voor deze test had ik de toen huidige vluchtcomputer in een kartonnen doos geplakt en een paar parashutes aan
gedaan. Op de grafiek zie je waarschijnlijk dat de resolutie vrij laag is, dit komt doordat toen de delay aan het einde van de loop op 200 miliseconden stond (0.2 seconden),
in de latere tests heb ik de delay naar 10 miliseconden verlaagt. Dit geeft een veel hogere resolutie maar er zijn dan wel veel meer lijnen in het .txt bestand
op de SD kaart. Voor de formule om de hoogte (relatief) uit te rekenen heb ik
deze formule gebruikt:
en dit staat zo in de code:

Hardware test 001

Voor test 001 ga ik de vluchtcomputer meenemen op skivakantie, maar ik wilde het veel makkelijker te gebruiken dus heb ik het allemaal in een netjes in een oude wifi router case gedaan en ben ik aan de slag gegaan met een goeie gebruikersinterface. De interface bestaat uit twee Neopixels, buzzer, 1 standaard drukknop en 1 drukknop met een ingebouwde LED. Hiermee kan de
Teensy geprogrameerd worden om alle mogelijke statussen weer te
geven aan de gebruiker.
op het moment zij de mogelijke statussen:

1: twee gele LED’s: computer is in standby mode
2: oranje en gele LED: probleem met de SD kaart lezer
3: twee groene LED’s: volledig operationeel en data word opgeslagen
4: (niet op foto) twee oranje LED’s: computer in void setup mode

De test’s

Na de eerste dag skien was het al duidelijk dat het een goed idee was om de buzzer en de Neopixels toe te voegen, dit maakt het meteen duidelijk of er een probleem en zo ja wat het probleem is. Uiteindelijk zijn er geen problemen geweest met kapotte soldeerpunten of software problemen in de vier dagen dat ik hem heb uitgetest. 

 

De resultaten

De resultaten hiernaast staan de twee beste metingen,
met hoogte linksboven, temperatuur rechtsboven, luchtvochtigheid linksonder
en de ruwe luchtdrukdata rechtsonder. de blauw gestreepte stukken zijn waar ik
op anderen in de groep moest wachten. De grote pieken in temperatuur en luchtvochtigheid komen waarschijnlijk doordat het vrij mistig was op de dag van de metingen. Dus waneer je een wolk ingaat zie je dat de luchtvochtigheid en temperatuur erg veranderen en dat temperatuur in de praktijk meer verschilt dan je denkt.

 

Wat nu?

Nu de eerste pracktische tests klaar zijn ga ik alle componenten weer terugintegreren in de 75mm buis waar ze in 3D geprinte houders passen. 

2 maanden later…
In plaats van beginnen met alles weer terug op prototype plaatjes te zetten heb ik besloten om een enorme draadjeschaos te voorkomen door zelf pcb’s (printed circuit boards) te gaan ontwerpen, gezien je deze heel erg goedkoop uit china kan bestellen (5 euro voor 10 pcb’s). hieronder alle ontwerpversies.

V1

V1 van de printplaat bestond uit twee printplaten, 1 voor de TEENSY 3.2, sensoren en servo outputs en 1 voor de SD kaart houder en de aux pinnen (pinnen met nog geen geplande functie, maar mogelijk later wel). Dit was mijn eerste PCB ooit dus waren er natuurlijk veel kleine foutjes mee.

V2

V2 is al een stuk beter dan V1, ik ben overgestapt naar de TEENSY 3.5 omdat de 3.5 een SD kaart lezer op het bord heeft wat het een stuk compacter maakt. dit bord is een stuk capabeler dan V1 omdat de TEENSY 3.2 en 3.5 dezelfde pinout hebben op de bovenste helft, dus dan kan de TEENSY 3.2 geinstaleerd worden als boordcomputer (oh en het is eindelijk gelukt om een RC vliegtuig werkend te krijgen, meer over dat in een later blog). Ook heeft deze computer ruimte voor een 5V voltage regulator, dus kan de
boordcomputer stroom krijgen van de 12V lipo batterij in het vliegtuig. Ook
zijn er poorten op de printplaat zodat communicatie tussen de
twee computers mogelijk is waneer de decent vehicle nog aan het vliegtuig
hangt. Ook kan de boordcomputer luisteren naar de PWM servo signalen
van de reciever in het RC vliegtuig. dus waneer ik op de zender een knopje
omhaal kan de boordcomputer bepalen of het voertuig klaar is om losgelaten te
worden.

V3 – OASIS

OASIS MK1C staat voor: Overall Avionics SupportIng System versie 1 ontwerp 3/C, dit bord is eigelijk een uitgebrijde versie van V2, meer servo poorten (5) meer aux poorten (5) meer PWM poorten (3) meer com poorten (2) (de com poorten praaten over i2c) en twee HPC poorten (High Power Channels).
op de onderkant van het bord zitten 2 TIP120 transistors zodat ik 3A leds kan aansturen door de 3 kanaals schroefterminals. Verder ziet de PCB er een stuk cleaner uit en er zijn ook slots voor een RTC (Real Time Clock) en SD kaart houder voor de boordcomputer. De printplaten zijn net aangekomen en hieronder de pinouts gemaakt in Adobe Ilustrator en wat foto’s. op de onderkant zie je de 1 TIP120
en 1 5V voltage regulator zitten, ook is het gelukt om 0805 SMD weerstandjes te kunnen solderen ik heb SMD weerstandjes gebruikt gezien die een stuk kleiner dan normale resistors. Ook zijn er 3 SMD WS2812B NeoPixels op het bord naast twee SMD led’s. wat er supergaaf uitziet waneer ze aanstaan.
waarom neopixels in plaats van RGB led’s? omdat er handige libraries zijn voor de neopixels en om een kleur te geven hoef ik alleen maar een RGB waarde te geven. En dat over maar 1 pin voor een oneindige hoeveelheid pixels!

Hier is nog het nieuwe ontwerp van het drop vehicle zelf gezien het OASIS bord iets te breed is om erin te passen, dit maakt ook voor een interesantere aerodynamische vorm.

Hoe bouw je een lopende fiets ?

door Bram Bosch

Een fiets laten lopen is iets wat ik al een tijd wilde doen en het is ook al eerder gedaan door een aantal mensen. Maar het was toch iets wat ik graag zélf wilde doen. Vooral omdat het voor mij iets was dat mij “wel te doen” leek en heel gaaf om iets wat mensen normaal altijd zien rollen, nu te laten lopen.

Als ik nu terugkijk denk ik dat ik het vooral deed om de technische uitdaging en om het verwezenlijken van zo’n gaaf concept. Ik had echter nooit de tijd of de zin om een project van deze grootte te verwezenlijken.

Hierom leek mij dan ook het profielwerkstuk (P.W.S., een door school gesponsorde opdracht), een goede gelegenheid. Mijn vriend/werkpartner Freek en ik hebben voor ons onderzoek de vraag gesteld: “Kunnen wij een fiets laten lopen?”, en zijn aan de slag gegaan.

Een lopende fiets maken hebben wij in een aantal stappen gedaan. Hieronder worden die stappen beschreven en als laatste een stuk over wat je beter zou kunnen doen dan wij; de tips en tricks.

De eerste stap is bedenken welke poot je wilt gebruiken en hoeveel poten je wilt. Wij zijn voor de poot van het strandbeest gegaan. Dit is een poot bedacht door de kunstenaar Theo Jansen die een draaibeweging omzet in een loopbeweging. Verder hebben wij gekozen voor vier poten omdat er dan aan beide kanten van de fiets altijd een poot op de grond is en de fiets dus stabiel blijft. Vervolgens moesten we de maten van de poot, de twaalf magische getallen van Theo Jansen, in verhouding brengen met de fiets zodat de fiets in een normale stand  staat als de poten er aan zitten. Dit hebben wij gedaan door eerst een model van een poot te maken en daar te kijken hoe ver de krukas van de grond af zou zijn. Vervolgens hebben we gekeken waar we de krukas op de fiets ongeveer wilde hebben en hoe ver van de grond dat was. Door deze twee maten te vergelijken kregen we een goede verhouding.

De tweede stap is de materiaalkeuze. Wij zijn voor het materiaal voor de poten voor 12mm multiplex gegaan omdat het bij multiplex niet uitmaakt hoe je het zaagt, het blijft altijd even sterk en 12mm omdat het dan dik genoeg was om niet te buigen onder veel krachten en dun genoeg om praktisch te blijven. Verder hebben we voor de krukas staal gebruikt omdat daar veel kracht op moest komen en het weinig plek in moest nemen. Later hebben we er ook nog voor gekozen om alle bewegende delen met kogellagers te versoepelen omdat de poten dan ook rond blijven draaien als er kracht op komt te staan. Hierna hebben we met hulp van een model bekeken bij welke breedte van planken de poot nog soepel kan draaien.

De derde stap in het proces is het bedenken hoe je de poten aan de fiets wilt bevestigen. Dit wilden wij doen door een soort doos om de poten heen te maken en die dan vervolgens aan de achtervork van de fiets te bevestigen. Omdat we nog zo veel mogelijk van de poten wilden kunnen zien en het gewicht minimaal wilden houden hebben zijn we uiteindelijk uitgekomen op een doos die bestaat uit zes doosdelen, waartussen de poten zitten. Deze zes delen zitten bevestigd aan de plaat die vast zit aan de achtervork. Verder zijn deze delen verbonden met de krukas en het vaste punt. 

Één doosdeel bestaat uit een diagonale plank waar het vaste en krukas punt op zit. Deze diagonale wordt ondersteund door twee verticale, kortere planken. Zowel de verticale als diagonale planken hebben versmallingen op het einde die in de plaat passen die tegen de achtervork komt.

Stap vier is het zagen van alle onderdelen. We hadden ontdekt dat je precies één poot uit een plank van 121 x 61 cm kan halen en dat alle doos-planken ook uit twee platen te halen zijn. Om er voor te zorgen dat alle versmallingen en gaten op dezelfde plek zouden komen, hebben we de planken van de doos op elkaar geklemd en toen de versmallingen en gaten geboord en gezaagd.

Stap vijf is het in elkaar zetten van de poten. Dit hebben wij gedaan met kogellagers in de delen die moeten bewegen en door de kogellager een bout waar moeren opgedraaid zijn om de kogellager op zijn plek te houden en om afstand te creëren tussen de planken.

Stap zes is het bouwen van de doosdelen. Dit hebben wij gedaan door alle planken in de gleuven van de onderste plaat te zetten en de planken op elkaar te lijmen. Vervolgens kun je de delen er weer uit halen, dit is belangrijk voor de installatie van de krukas en de poten.

Stap zeven is het plaatsen van de poten in de doos. Eerst hebben we de krukas assen die door de doos moeten aan de stangen vast gelast en daarna poot voor poot de poot-assen tussen de doosdelen gelast. Hiervoor was het handig dat de delen er nog uit konden omdat we zo veel werkruimte konden creëren. Hierna hebben we de doosdelen vastgelijmd aan de onderste plaat.

Stap acht is de laatste stap: het bevestigen van de doos aan de fiets. Dit hebben wij gedaan door de onderste plaat voor de staande achtervork te zetten en een andere plaat erachter en deze met elkaar te verbinden door vier bouten strak aan te draaien.

Als het goed is kan de fiets nu lopen!

 

Dit was bij ons niet het geval…

Wij ontdekten dat we een fout hadden gemaakt in één van de berekeningen. Daarom moesten wij de krukas aanpassen en het vaste punt verplaatsen. Ook moesten we een aantal stukken van de poten inzagen omdat deze stukken door de aanpassingen aan de positie van de poot wel degelijk tegen elkaar aan kwamen.

 

 

Tips en tricks:

Reken alles na en maak een model. Wij hebben dit maar gedeeltelijk gedaan en daardoor hebben we waarschijnlijk een significante fout gemaakt in de berekening.

Kogellagers zijn cruciaal. Wij hadden ons model eerst gemaakt zonder iets van versoepeling en zodra je de planken dichter bij elkaar wilt brengen of er kracht op wilt zetten is er haast geen beweging in te krijgen. Ze zijn wel vrij duur, maar hier moet je niet op bezuinigen.

Als het kan: probeer de krukas anders te bouwen dan wij hebben gedaan. Wij hebben de krukas uit stukjes opgebouwd en in elkaar gelast. Hierdoor kwam er erg veel kracht op de lassen te staan waardoor er ook een aantal braken. Verder vloog het hout ook een keer in brand omdat we het onvoldoende nat gehouden hadden. Achteraf gezien hadden we het misschien beter met buizen en schroeven kunnen construeren.

Gebruik een decoupeerzaag en een kolomboor. Wij hebben eerst alles met de hand gezaagd en dat kostte onverwacht veel tijd. Verder is een kolomboor erg handig omdat je echt rechte gaten nodig hebt voor de kogellagers. Ook bespaart het veel tijd.

Neem een fiets die je niet meer gebruikt. Wij hebben een aantal dingen van de fiets moeten veranderen zoals de achtervork rechtbuigen. Dit is niet heel goed voor een fiets en kan ook fout gaan.

Neem de tijd. Wij hebben dit gedaan als schoolopdracht, waar een inleverdatum opzat. Hierom hebben wij een paar dingen overhaast, of helemaal niet gedaan: de fiets kon lopen maar de aandrijving met de trappers is niet afgekomen. Dus als je dit voor school wilt doen plan overdreven veel tijd in voor de bouw, want er gaat zeker iets mis!

Let op de breedte. Toen wij met het ontwerp bezig waren realiseerden wij ons ineens dat ons project door een normale deur heen moest om op school te kunnen komen. Hiervoor moesten wij ons project aanpassen. Wat zijdelingse stabiliteit betreft: we konden er op zitten maar dan wiebelde de fiets wel veel. 

Waarom je een lopende fiets zou bouwen? Na dit alles zou je je misschien afvragen waarom je dit zou willen bouwen. Ik heb dit project ervaren als een uitdaging voor mijn denk- en doe-vermogen aangezien deze twee allebei vaak op de proef gesteld werden. Ook was het een project waarbij de kennis van de goniometrie in de praktijk werd gebracht en het eindresultaat (filmpje hier onder) maakte het alle moeite waard.

Freek en ik zijn erg trots op het eindresultaat!

 

Ophoepelen met Martijn

Ik ben Iris Djaimala Boejharat en vandaag ik heb Martijn Hartman geïnterviewd. Hij is 19 jaar en is nu jammer genoeg van FABklas af (opgehoepeld dus) want hij is vorig jaar geslaagd van de HAVO. Hij komt zo af en toe nog terug om bij te kletsen, zijn creativiteit te uiten, zijn maag te vullen en “een beetje te kutten. Dat stuk moet je er wel echt uitlaten! “.

Vandaag is hij bezig geweest met het maken van een multifunctionele opvouwbare hoepel. Het maken van dit project heeft een goede invloed op Martijns leven gehad. Volgens Martijn heeft het zijn dag gemaakt én hij heeft ook meteen aan zijn conditie gewerkt.

Martijn met zijn uitgevouwen hoepel

Geïnspireerd

Hij is op het idee gekomen om dit project te maken doordat hij meneer van Oven zag met de originele versie van de opvouwbare hoepel. Nadat hij dat had gezien wilde hij dat zelf ook maken. Hierdoor was meneer van Oven al een stapje dichter bij zijn droom om met 6 hoepels tegelijkertijd te gaan hoepelen.

Maken

Martijn zegt dat hij dit “prachtige fitness-object” gemaakt heeft van een waterleidingslang. vervolgens is hij een cilindervormig stukje hout gaan schuren aan een kant tot een puntje. Dit zorgde dat het houtje in de ene kant van de buis paste. Daarna heeft hij dat ook aan de andere kant gedaan. Vervolgens heeft hij al zijn spierkracht bij elkaar geroepen om de twee kanten van de slang te verbinden door ze over het stukje hout te schuiven.

Afronden

De finishing touch deed hij door de drie meest geweldige kleuren paars, groen en roze om de hoepel te tapen. Dit zorgt er voor dat de slang niet los springt en dat de hoepel een betere grip heeft. Uit het resultaat van het super-niet-wetenschappelijke-onderzoek van mij (Iris) en meneer van Oven bleek dat de prestatie in grote maten verbeterde na dat de tape om de hoepel was gewikkeld. Dit kwam doordat het de structuur ruwer maakte waardoor de hoepel makkelijker op heuphoogte bleef i.p.v knie- of grondhoogte.

Resultaat

Toen de hoepel klaar was bleek het toch een stuk moeilijker dan verwacht, “Het kost wel  even tijd om het trucje weer door te hebben.” Ik vroeg hem hoe hij het vond om zijn zelfgemaakte hoepel te gebruiken en hij antwoordde:

“Intens, maar ik werd er wel gelukkig van!”

Martijn probeert te hoepelen 

Ook is Martijn tot de ontdekking gekomen dat hij kan touwtje springen met zijn hoepel of hoe hij het noemde: hoepeltje springen. Hij was er heel erg goed in maar het enigste nadeel daarvan was dat zijn hoepel hierdoor snel ging slijten. Het kwam zelfs zo ver dat hij een noodreparatie moest doen om de versleten delen weer dicht te tapen. Hierna een link naar een korte video waarin Martijn aan het hoepeltje springen is.

link: Martijn gaat hoepeltje springen

Opvouwbaar

Het grote voordeel van dit geweldige fitness-apparaat is dat het ook nog eens opvouwbaar is.  Als student word er vaak van je verwacht dat je flexibel bent, dit kan Martijn nu op meerdere manieren. Hij kan de hoepel opvouwen en overal mee naar toenemen. Of hij nu in de trein zit of in een van zijn lessen hij kan nu altijd en overal sporten. Ook is hoepelen heel goed voor je rug- en buikspieren, hij heeft dus geen yoga lessen meer nodig om flexibel te blijven.

Tip van Martijn

“Haal wel je hoepel uit de knoop voor je gaat hoepelen.”

Het resultaat als je je hoepel niet uit de knoop haalt voor het gebruiken.

 

Decoratie lamp

Hai,

blog 1 kaars
De inspiratie bron voor dit project.

Ik ben Iris en ik zit sinds de eerste klas al hier op FABklas, dit is nu mijn derde jaar. Een nieuw jaar was begonnen en dus een nieuw begin voor een leuk project. Ik wilde eens een keer iets maken wat ook nuttig was in plaats van iets wat alleen leuk was om te maken dus ik had wat ideeën op gedaan via de website http://www.instructables.com en het leukste idee wat ik had gezien was een kaarsenhouder met een leuk patroon dat verlicht wordt als de kaars is aangestoken. Hier in de afbeelding heb ik een foto gezet die ik zelf heb gemaakt met het idee: oh dat is leuk! Dat wordt misschien wel een project. En vervolgens staat mijn hele telefoon vol met zulke foto’s…

Het eindresultaat
Het eindresultaat

Het maakproces van de lamp

Op papier

Toen ik eenmaal een beetje inspiratie had heb ik mijn plan voor de decoratielamp verder uitgewerkt op papier ( ja, inderdaad u leest het goed, de jonge generatie maakt zelfs nog gebruik van pen en papier) met de afmetingen die ik in gedachte had en de optionele ideeën waar ik nog verder over moest denken. Zo had ik bijvoorbeeld het idee dat de lamp een deurtje zou kunnen krijgen, voor wanneer je de lamp moest gaan vervangen, maar dat idee heb ik uiteindelijk toch geschrapt.

Op de computer

Nadat ik mijn idee had uitgewerkt op papier heb ik via http://boxdesigner.connectionlab.org een box gemaakt met de lengtes 19x19x19 in centimeters. Vervolgens heb ik de box in Coreldraw gezet en die verder bewerkt. Met de hulp van meneer van Oven heb ik de mandala bewerkt en in de bouwplaat van de box geplaatst. Het design heb ik simpelweg van internet gehaald en er wat dingetjes aan verandert, zoals “rondjes” die niet rond waren en andere foutjes in het design. In de bodemplaat heb ik 5 gaten gemaakt. 4 luchtgaten waarvan de grote niet echt belangrijk was en het gat in het midden, waarvan de diameter net zo groot van was als de fitting van de lamp. Ik kon tenslotte het gat nog groter schuren maar kleiner schuren is toch erg moeilijk. Een tip voor als je dit ook zou willen maken: houd wel rekening met het feit dat er ook nog pootjes onder komen dus dat je daar niet de luchtgaten uit laat snijden.

onderkant lamp blog
Dit is een foto van het eindresultaat waar de pootjes er al aan vast zitten.

Het prototype

Toen ik eenmaal tevreden was met het ontwerp heb ik een prototype gemaakt uit karton met de lasercutmachine. Nadat dat dat klaar was heb ik die vervolgens in elkaar gezet om te kijken of ik er nog dingen aan wilde veranderen, maar ik vond het wel mooi. Ik besloot alleen nog even te kijken welke hoogte ik leuk vond voor de pootjes en hoe breed/groot die gingen worden zodat ik niet in de problemen zou komen met de luchtgaten.

Ik heb hier nog een kort filmpje van het lasercutten van het prototype:

Werken aan het eindresultaat

Nadat ik het prototype had goedgekeurd heb ik een stuk hout gekozen en daar mijn onderdelen uit gelasercut. Ik heb de pootjes gemaakt en ze dubbel vast gezet, met houtlijm en vastgeschroefd. Daarna ben ik met de grote leermeester genaamd YouTube de fitting aan mijn snoer met schakelaar gaan monteren ( een handig filmpje op youtube was https://www.youtube.com/watch?v=1wKUFky1X6o ) dit had ik nog nooit eerder gedaan maar het was super makkelijk. Nu was mijn lamp eigenlijk klaar, maar ik had ondertussen al weer nieuwe ideeën gekregen en wilde roze verwisselbare schermen achter de mandala’s hebben. Toen ik daar aan ging werken heb ik een beetje slordig gewerkt waar ik later nog wel wat last van kreeg maar daar vertel ik zo meer over. Om de schermen vast te kunnen maken had ik de simpele manier van blokjes met een plaatje erop bedacht.

blokjes met een plaatjeIn deze afbeelding kun je zien wat ik bedoel met hout-blokjes met een plaatje erop, ik heb er later nog viltjes tussen gezet (tussen het plaatje en het roze plexiglas) zodat de ruimte wat minder werd en het ook minder rammelde als ik het meenam of verplaatste. Nadat ik de blokken had vastgelijmd ging ik opmeten hoe groot de platen moesten worden en had ze uitgezaagd. Hier komen we weer op het stukje waar ik merkte dat ik een beetje slordig was geweest, ik had niet alle blokjes precies even ver uit elkaar gezet dus moest ik iedere                                         plaat IMG_8063speciaal op maat maken voor de wand waar hij bij hoorde. Maar ja, dat kan gebeuren en gelukkig is het helemaal niet een erge of grote opvallende fout. Nadat ik zeker wist dat alles in elkaar paste heb ik de 4 wanden aan elkaar gelijmd. De wanden en de deksel (bovenste plaat) kunnen los van elkaar en los van de bodemplaat, het heeft niet echt een specifieke reden maar is wel makkelijk als je er nog dingetjes aan wil gaan veranderen. Nadat de lijm was gedroogd heb ik de laatste lijm restjes er afgeschuurd en heb ik dit project klaar verklaard.

Mijn eigen mening over dit project

Zelf ben ik erg slecht met computers dus voor mij was het maken van dit project ook wel weer een kleine uitdaging omdat het grootste deel met de computers en de lasercutter is gedaan. Maar alles is goed uitgepakt en de lamp is erg leuk geworden, ook de dingetjes zoals “zou de lijm wel goed blijven of wordt het te warm als de lamp aanstaat” of  “zouden de platen zacht worden door de warmte” ect. bleken overbodige dingen waar ik aan twijfelde want ook nu, na gebruik, is er niks gesmolten, ontploft of in de brand gevlogen.

Ik vind dit een geslaagd project, als je nog vragen hebt kan je ze stellen in de reacties.

~Iris Djaimala Boejharat

The Picade deel 1: de arcade

Voor mijn verjaardag in september 2016 had ik een Raspberry Pi 3 model B gekregen. Toen later dat jaar FABklas weer begon wilde ik natuurlijk een nieuw project met de Raspberry Pi doen. Toen ik na een uurtje zoeken eigenlijk nog niks leuks gevonden had wees meneer Kloen mij op de website pimoroni.com en in het bijzonder op de Picade HAT. Met dit artikel kan je je eigen ouderwetse Arcade maken. Dit leek mij erg leuk om te doen en toen hebben we de HAT & Parts Kit besteld.

Na twee weken wachten had ik het doosje thuis staan met de volgende items erin (zie foto hier rechts):IMG_20170209_151307

  • De HAT
  • Zes gekleurde buttons
  • Vijf zwarte buttons
  • Een joystick
  • Een luidspreker
  • Verbindingsdraadjes

Voordat ik ook maar iets ging vastmaken aan mijn Raspberry Pi ging ik naar de github van pimoroni. Hier las ik dat ik allereerst op mijn sd-kaart van de Raspberry Pi RetroPie moest installeren. Ik had een hoop problemen met het installeren van RetroPie. Allereerst download je RetroPie als een .gz file. Die moet je dan uitpakken naar een .img file. Die .img file kan je dan niet zomaar naar je sd-kaart kopiëren. Daarvoor moet je een speciaal programma hebben zoals (voor Windows) Win32DiskImager. Als dat gelukt is en je start je Raspberry Pi op krijg je een welkomsscherm te zien. Allereerst moet je de voorlopige controls instellen. Schrijf gelijk op welke toets van je toetsenbord correspondeert met Up, Down, Select, etc. want ik was al snel vergeten welke toets wat was en daardoor was het heel moeilijk om te werken in RetroPie. IMG_20170302_121407Als alle inputs voorlopig zijn ingesteld kom je bij de instellingen van RetroPie. Hier moet je allereerst de wifi instellen zodat je later een extern programma kan installeren voor de echte buttons en joystick. Nadat je de wifi hebt ingesteld moet je de Raspberry Pi even opnieuw opstarten. Wanneer de Raspberry Pi weer opstart moet je de F4 toets van je toetsenbord indrukken, hierdoor kom je bij de command line. Hier kan je wat leuke dingetjes zien zoals de temperatuur van je CPU. Hier typ je dan het volgende commando in:

curl -sS https://get.pimoroni.com/picadehat | bash

Als dat gelukt is om in te typen, ik moest de alt code voor de verticale streep opzoeken (ALT 124), gaat RetroPie vanzelf wat dingen instaleren. Je moet een paar keer tijdens het proces, wanneer het programma erom vraagt, op y, n of Enter duwen zodat alles correct geïnstalleerd wordt.
Nu alles geïnstalleerd is kan je de knoppen en joystick aansluiten en als het goed is werken ze allemaal. Let wel op dat je bij de joystick de goede draadjes bij elke kant aansluit want anders is alles ondersteboven.
Als laatste software gedeelte heb ik natuurlijk spellen geïnstalleerd. Dit doe je door allereerst een totaal lege USB-stick in de Raspberry Pi te stoppen en te wachten totdat het lampje op de USB-stick stopt met knipperen. Nu staan er op je USB-stick allemaal mapjes met de IMG_20170214_200917soorten systemen die RetroPie kan draaien. Voor alle verschillende spellen heb ik even gegoogled en toen een website gevonden waar echt elk spel op stond. Als je de spellen in de goeie mapjes hebt gestopt dan plug je de USB-stick uit je computer en weer in je Raspberry Pi, als het goed is gaat dan het lampje van je USB-stick weer knipperen. Wanneer het lampje is opgehouden met knipperen staan alle spellen op de sd-kaart van RetroPie en kan je spellen spelen!

Voor de buitenkant van de Arcade heb ik hout gebruikt dat ik toevallig nog had. Het was multiplex en dus een beetje te dik en zwaar voor mijn arcade maar ik heb het er mee gedaan. Ik moest goed opletten voor alle hoeken en lengtes van alle delen van de arcade. Het ontwerp heb ik gebaseerd op de arcade van een filmpje op youtube gemaakt door ILMTS. Het paneel met alle knopjes en de joystick is een apart paneel wat bovenop een dikkere plaat multiplex ligt. Hierdoor kan ik altijd bij de draadjes van de knopjes om onderhoud te plegen. Als laatste heb ik de arcade geverfd. Het eindresultaat is te zien in het plaatje hieronder. Ik ben er erg tevreden mee 🙂IMG_20170801_144915

WhatsApp Image 2017-12-31 at 11.16.18

Maar ik vind dat de Picade nog niet af is. Dus komt er nog een tweede blog over de extra’s die ik op het moment aan het toevoegen ben.

Laat me in de reacties weten wat je er van vindt.

Tom

hieronder nogmaals alle linkjes die ik gebruikt heb:

https://youtu.be/X6IX27FILus

http://www.theisozone.com/downloads/misc/full-rom-sets/page-1/

https://shop.pimoroni.com/products/picade-hat

https://github.com/pimoroni/picade-hat

https://retropie.org.uk/download/

https://sourceforge.net/projects/win32diskimager/

https://www.iliketomakestuff.com/make-bar-top-arcade-cabinet/

Internet of Things-auto

Voor een autorijbewijs is het voorlopig nog te vroeg. Bovendien kosten die dingen duizenden euro’s. Daarom moeten we voorlopig maar klein beginnen. Dit blog gaat over de bouw van mijn vanaf internet bestuurbare auto.

Benodigdheden

Voor deze auto had ik een soort van mini-computer nodig. (o.a.) Een Raspberry PI was niet mogelijk, aangezien die in een stopcontact moet worden gestoken. Echte auto’s worden ook niet beperkt tot 10 meter rond het benzinestation. Ook daarom is een draagbare spanningsbron nodig (powerbank o.i.d.). Alles even op een rijtje:

  • mini-computer met I/O poorten,
  • een powerbank,
  • steekdraadjes/koperdraad met coating,
  • vrij zware motoren (mijne zijn uit een printer gesloopt) of lagetoerenmotor,
  • een aantal npn-transistoren gelijk aan het aantal motoren,
  • 4 wielen (2 het liefst bijbehorend bij de motoren),
  • een as (met lage wrijving) voor de andere wielen, zoals ijzerdraad,
  • een frame (denk aan hout, plexiglas etc.),
  • soldeertin + soldeerbout (+ ev. striptang) + lijmpistool

Onder de motorkap

De code

Ik heb door een workshop van Rolf Hut besloten via een Particle Photon mijn auto te besturen. Deze krijgt bericht van het internet – dit kan dus via een simpel http verzoek – en geeft vervolgens stroom door aan de juiste motoren d.m.v. van de juiste firmware.

De code voor de Photon kan door de eigenaar worden geflasht, deze code is dan ook zelf geschreven. In deze versie moeten wel handmatig de motoren in- en uitgeschakeld worden. Ook heb ik een (vrij simpele) website voor de bediening gemaakt. Je moet wel zelf in het html-bestand je device-id op de plek van my_device_id zetten en je acces-token op de plek van my_acces_token in regel 9, 13 ,17 en 21. De syntax van die regels zien er zo uit:

<form action="https://api.particle.io/v1/devices/my_device_id/forward?access_token="my_acces_token" id="vooruit" enctype="text/plain" method="post" target="bin">

Voel vrij om dit alles naar je zin om te bouwen.

Documentatie over de werking van de Photon kan je hier vinden. En om te flashen kan je hier een account aanmaken. Hier vind je ook je device-id en acces-token.

De bedrading

Nu de software in orde is, wordt het tijd om de boel aan elkaar te solderen, je kan nu kiezen of je het breadboard erop wilt houden of niet. Het is minder solderen, maar het neemt wel wat ruimte in. Houd hier dus rekening mee voor de buitenkant.

Soldeer om te beginnen aan beide motoren koperdraad/steekdraadjes, test de motoren met een batterij om te kijken of ze werken, en welke kant ze op bewegen. Noteer bij welke combinaties de motoren welke kant op draaien, om te voorkomen dat de motoren straks in tegenovergestelde richting bewegen. Vervolgens kan je de draadjes op de volgende manier solderen:
Het schakelschema

D2 en A2 zijn de data poorten waar we het signaal doorheen sturen, en de grote stroom komt vanaf VIN. Als je andere poorten wilt gebruiken (ik zou niet weten waarom) kan je dat in de code aanpassen.

Troubleshoot

Dit is alles betreft de binnenkant, dus als de Photon aangesloten is op de spanningsbron en op de wifi kan je met de website als het goed is de Photon besturen. Als dit niet het geval is, controleer dan nogmaals of:

  • De Photon is verbonden met de wifi,
  • De website linkt naar het goede device-id met het goede acces-token,
  • De goede firmware op de photon is geflasht,
  • Alles goed is gesoldeerd en elkaar niet aanraakt (kijk uit met de transistors!),
  • De poorten van de transistor kloppen

De motorkap zelf

Wat de buitenkant betreft ben ik vrij minimalistisch te werk gegaan, Ik heb onder het breadboard een houten plankje geplakt en daar vervolgens de wielen aan vast gemaakt, en vervolgens heb ik de powerbank er met tie wraps eraan vastgemaakt. Niet erg aerodynamisch dus.Auto met lagetoerenmotor

Voor een compacte auto raad ik dan ook aan het breadboard eraf te halen en draadjes direct aan de chip te solderen. Voor de wielen heb je de keuze tussen verschillende types banden. je kan beter dunne banden gebruiken als je de auto wilt laten draaien. Schuif de vooras eerst door je frame heen, en maak daarna de wielen eraan vast met lijm. De achterste wielen zijn het belangrijkst. Het liefst zijn de motor en het wiel een combinatie, zodat je ze goed aan elkaar vast kan monteren (of niet eens los hoeft te halen).

Bovenstaande auto kan alleen rechtdoor rijden, ook al laat je slechts één motor draaien. Ook omdat deze motors geen snelheidsbeesten zijn hoeft de aerodynamica van de auto niet fantastisch te zijn.

Het resultaat

Uiteindelijk heb je een auto die je ongeacht afstand en met elk slim apparaat kan besturen. Het enige wat nodig is is wifi en stroom. Zolang er genoeg stroom is hoef je nooit bij de auto in de buurt te komen, in tegenstelling tot de meeste race-autootjes met een controller. Je kan er ook voor kiezen een Electron te nemen. Deze is in plaats van aan wifi, aan 3G gekoppeld. 3G is tegenwoordig boven bijna al het landoppervlak aanwezig, dus is er qua afstand al helemaal geen limiet meer. En omdat dus overal 3G (of zelfs 4G) is weerhoudt niets ons ervan om ook een telefoon-/camerastandaard erop te monteren voor een live feed…
Lees verder Internet of Things-auto

3D model van Lidar data

Terwijl de zomervakantie ten einde kwam en Fabklas weer in zicht zou komen, ging ik een beetje rond kijken op instructables voor een nieuw project. Al snel vond ik een interessant project, namelijk deze: http://www.instructables.com/id/Make-3d-Printed-Topo-Maps-of-Anywhere/. Deze persoon had een ‘makkelijke’ manier gevonden om van (Lidar) data van het internet een 3D model te maken. Dit wilde ik natuurlijk ook proberen.

img_0165

De nodige Lidardata kan je onder andere vinden op de site van Open Topography. Hier heb ik de gegevens van een compleet willekeurig, mooi uitziend gebergte gedownload en deze verder bewerkt om er uiteindelijk een printbaar 3d-model van te maken. Met een gratis account is er een maximale grootte van het gebied te downloaden, maar dit is ruim voldoende.

img_0163img_0141

De bestanden die je krijgt moet je één of twee keer uitpakken, hieruit krijg je dan een .LAS file. Dit bestand open je vervolgens in een nieuw programma. Ik heb hier 3DEM Terrain Visualization voor gebruikt, maar een vergelijkbaar programma kan natuurlijk ook. Hierna heb ik het programma AccuTrans 3D gebruikt om er een 3D (dus .stl) bestand van te maken (de precieze stappen staan onderaan de blog, omdat deze niet echt boeiend zijn als je niet zelf zo’n model maakt). Als laatste stap is het handig om het bestand te ‘fixen’. Hierdoor wordt je model aan de onderkant wat vlakker gemaakt zodat het makkelijk te printen is. In de instellingen van je 3D-printer kan je dan als ondersteuning de gridvorm kiezen, zodat de print een grondvlak krijgt en stevig wordt. Daarna print je het gewoon, ik heb zelf voor een medium quality gekozen en dit duurt ongeveer 12 uur. Als laatste heb ik nog een stukje blauw vilt op de bodem geplakt om het netjes af te werken.

img_0153img_0167

Het uitgebreide stappenplan:
Data verzamelen
http://opentopo.sdsc.edu/lidar
kies plaats, selecteer data (kleiner dan 50.000.000)
kies LAS formaat bij punt 2
kies grid format GEO TIFF bij punt 3a en 3b
geen vinkje bij punt 4
geen vinkje bij punt 5
kies naam bestand en emailadres
–> mail als het klaar is, allebei de bestanden downloaden

Data verwerken
GZ File zippen –> TAR File zippen –> TIF File
of –> TIF File (ligt aan welk programma)

Data naar 3D
open Las File in 3DEM terrain visualization
(selecteer eerst Lidar Point Cloud (las))
pop up specification –> druk op ok
klik op ‘File’
klik op USGS ASCII DEM
sla bestand op

open .dem bestand in Accutrans 3D:
(klik op file –> open DEM as –> USGS 1-Degree (ASCII)
klik op DEM (taakbalk) –> Convert to 3D (less water)
kies 1,2,4 of 8 (let bij ‘vertices’ op kleinst mogelijke getal) –> ok
klik op tools (tools 1 als er meerdere zijn) –> adjust object
vul bij scale – position voor x,y en z ‘.1’ in. –> scale
set min at 0.0.0
center x,y and z no change
klik op tools –> Extrude Pseudo 2d surface –> flat bottom
opslaan als .stl bestand
netfabb.com of meshlab –> fixen
printen

Programma’s:
3DEM: http://freegeographytools.com/2009/3dem-website-is-gone-but-3dem-still-available-here
Accutrans 3D: http://www.micromouse.ca/downloads.html
Meshlab: https://sourceforge.net/projects/meshlab/files/latest/download?source=top3_dlp_t5

 

Vakantieproject: de bloemetjes buiten zetten

pallet3

Wat doe je als je net vakantie hebt, een lelijke tuinmuur van beton en een europallet van twee meter hoog?

Je maakt er een verticale bloembak voor tegen de muur van natuurlijk!

Het begin:

Eerst maakt je natuurlijk een bouwplan:bouwplan

Lijstje:

  1. 1 pallet van 120 bij 200 bij 11 cm
  2. 3 a 4 zakken tuinaarde
  3. Een hele hoop plantjes
  4. 40-60 schroeven
  5. Een zaag, accuboor (met kopjes), pen en meetlint

Het idee en uitvoering:pallet groot

Het idee was om eerst de palet in drie stukken te zagen: hierdoor hou je twee rekken en tien planken over. zie het plaatje hiernaast (dit plaatje is van het internet omdat we vergeten waren zelf een foto te maken voordat we gingen zagen)

 

toen we dat gedaan hadden kregen we dit:       ⇒rek

De planken die we eruit hadden gehaald konden we daarna gebruiken voor de onderkant van de bloembakken.

Dat ziet er dan zo uit:   Bloemetjes en aarde erin:pallet 5bloe,

En dan het eindresultaat:eindresultaat

nu rest alleen nog maar opruimen 🙁

gemaakt door Tom en Bram Bosch

met dank aan de pallet van Peter

De Meesterproef

In de eerste klas tijdens science waren we al druk aan het fantaseren over wat we zouden maken, als het zover was.

En nu is het zover.

Hier keek ik al zes jaar naar uit. Hét moment om te laten zien wat je in de eerste drie jaar van je schoolcarrière bij science en de laatste twee of drie jaar bij NLT hebt geleerd. De uitgelezen kans om de geleerde technieken en vaardigheden in de praktijk toe te passen en je eigen project van A tot Z te regisseren en uit te voeren zonder enige vorm van regels of richtlijnen.

Ondanks de grote hoeveelheid hightech apparatuur die we in de sciencevleugel tot onze beschikking hebben, besloot ik een project te kiezen waarbij oldschool handwerk de boventoon zou voeren. Uitzondering op die door mij zelf gestelde regel is de lasercutter, want normaal gesproken laat ik geen kans lopen om (een van de twee :D) door mij geliefde lasercutters bij mijn project te betrekken, zo ook deze keer niet. Want een dag niet gelasercut, is een dag niet gelee(r/f)d 😉

Mijn project?
Mijn eigen longboard ontwerpen en bouwen…

En waar begin je dan?

Bij het ontwerp uiteraard! Ik begon met het uittekenen en uitdenken van een aantal ontwerpen en probeerde alle benodigdheden op papier te zetten. Omdat ik nog een beetje twijfelde over het ontwerp (wel/geen concave? Dropthrough of topmount? Wel/geen dropped deck? Welke shape?), liet ik meerdere opties open en besloot ik een globale schets te maken in plaats van een gedetailleerde tekening. Voor de foto’s, zie de galerij onderaan.

Omdat ik nog geen duidelijke visie had qua longboard ontwerp, heb ik een pers/mal gemaakt die ik in de lengte, breedte, hoogte en vorm aan kon passen. Zo is de mal geschikt om alle soorten longboards, snowboards, ski’s en andere boards te persen. De vorm van het board wat je wilt maken bepaal je door middel van uitneembare schotjes. Op veertien plekken in de pers heb ik gaten geboord voor schroefdraad, waardoor je de mal met behulp van moertjes steeds steviger kan aandraaien om meer kracht op het board uit te oefenen. Om de concave (bolling in de breedte) en convex (bolling in de lengte) van mijn toekomstige longboard precies te kunnen bepalen, heb ik in CoralDraw schotjes ontworpen van 30 cm breed met hoeveelheid concave die ik op verschillende plekken van het longboard wenste. Een aantal kleine reken- en ontwerpfoutjes en een hoop rekenwerk verder, was de pers klaar om gebruikt te worden.

Nu is het tijd om de lagen hout en glasvezel op elkaar te lijmen met epoxy. Een spannende stap, want epoxy is naar spul en je merkt pas bij het eindproduct of je genoeg epoxy tussen de houtlagen hebt gedaan. Voor mijn longboard heb ik vier lagen van 3mm dik Russisch berkentriplex met in het midden een laag glasvezel (voor de stevigheid) gebruikt. Als je flex (flexibiliteit) in je board wilt, is deze combinatie niet aan te raden, maar zelf wilde ik juist een stijf longboard. Nadat alle lagen op elkaar zaten, heb ik de plank (met hulp van Rolf en Anda, dank jullie wel 😉 ) in de pers gelegd en hebben we alle moeren zo strak mogelijk aangedraaid.

48 uur later is de epoxy uitgehard en het hout in de juiste vorm geperst, dus kan de plank uit de pers worden gehaald. Ik heb de plank met een figuurzaag in de juiste vorm gezaagd, maar na het zagen kwam ik erachter dat ik op een plek niet genoeg epoxy had gebruikt, waardoor de houtlagen een beetje loslieten van elkaar. Om dat op te lossen heb ik nog wat epoxy tussen de losgelaten lagen gesmeerd en de houtlagen met een hoop lijmklemmen op elkaar gedrukt. Een paar dagen later heb ik de klemmen eraf gehaald en bleek dat de lagen nu wel goed op elkaar gelijmd zijn. Gelukkig!

De plank had ik al globaal in de juiste vorm gezaagd en voordat ik ging schuren heb ik de puntjes op de i gezet met de figuurzaag en de schuurmachine. Met een kleine schuurmachine heb ik het hele board geschuurd en geprobeerd mijn plank zo symmetrisch mogelijk te maken, wat nog erg lastig bleek! Het is verstandig om tijdens zagen en schuren een mondkapje te dragen, zeker als je met glasvezel werkt. Glasvezel is naar. Geloof me. Maar goed, het hele longboard is nu geschuurd.

Ondertussen heb ik ook nog een testje gedaan met ledstrips onder epoxy, omdat ik onder mijn andere longboard ledlichtjes had bevestigd, en ik dacht dat ik ze misschien ook in dit longboard zou kunnen verwerken, maar dan ónder de laklaag. De test slaagde, maar uiteindelijk heb ik in mijn ontwerp geen ledstrips gebruikt.. Misschien bij een volgend board 😉

Ik heb hem mee naar huis genomen om te lakken, eerst één laag en met tussenpozen van 24 uur nog drie lagen erbij, zodat het hout mooi glimt en het board goed beschermd is tegen regen en andere Nederlandse ongemakken.

Nadat de lak gedroogd was, heb ik het board weer mee naar school genomen en heb ik geprobeerd de trucks evenwijdig aan elkaar op het board te plaatsen (wat best nog een een opgave is als je board niet precies symmetrisch is!). Eigenlijk durfde ik geen gaten in mijn prachtige boardje te boren, maar na een hele hoop nameten en twijfelen, zitten er nu acht geboorde gaten in en passen de trucks er perfect op!

Het uur voordat we ons eindproduct moesten presenteren heb ik mijn longboard afgemaakt (stress? Neehoor, het was precies zo gepland! 😉 ). Met de lasercutter heb ik een (zelfontworpen) palmboom en mijn initialen in het griptape gelasercut. Snel het griptape op mijn board plakken en de overtollige randen afsnijden en… Hij is klaar!

Mijn zelfgebouwde longboard is af! Stiekem is hij nog mooier geworden dan ik voor aanvang van dit project had durven dromen.. Na een aantal testritjes blijkt dat mijn board, naast heel mooi, ook nog een heel goed is! Hij rijdt lekker en soepel, een prima boardje dus! Het enige wat nog mist is een graphic aan de onderkant van mijn board, die ga ik komende week maken, samen met mijn broer. Als de tekening af is, krijgt dit blog waarschijnlijk nog een een update 🙂

Ik kan niet wachten tot mijn volgende project (misschien nog wel een klein longboardje), maar de komende maand gaan andere dingen even voor (iets van examens ofzo…) 😉

Project Centenbakkie

Een paar maanden terug opende ik mijn eerste rekening bij de ING (een jongerenrekening). Ik kreeg een mooi tasje met wat codes erin om online te bankieren. ik had 1 vraag aan de medewerker bij het ING kantoor: wat moet ik nou met mijn muntjes en briefjes geld? Haar antwoord was dat ik dat gewoon aan hun zou kunnen geven door het op de bank te zetten via zo’n automaat in dat kantoor. Ik vond dat wel een leuk idee maar ik wilde niet al mijn duur gespaarde muntjes gelijk in zo’n acentebakkieutomaat doen en ze dan terugzien om mijn computerscherm. Ik dus weer een oplossing proberen te bedenken voor dit probleem. Tinkercad was weer mijn oplossing. Ik ging aan de slag en bedacht het centenbakkie. Mijn eerste poging zie je hier rechts. De maten van de muntjes heb ik opgezocht op het internet, die waren makkelijk te vinden. De vorm van het centenbakkie is te verklaren: in iedere buis kan €4 dus 80 muntjes van €0.05, 40 muntjes van €0.10, 20 muntjes van €0.20, 4 munten van €1,- en 2 munten van €2,-. ∑= €24,-. Om van die €24,- een mooi bedrag te maken heb ik de €1,- iets verhoogt zodat er nog 1 munt bijpaste en daardoor het totale bedrag uitkwam op €25,-.

Het printen duurde ± 4 uur. Van het printen heb ik een time lapse gemaakt. Die kan je hieronder bekijken.

Als je dit zelf ook wilt printen hier een link: link